Kippenborst
Patiënten met een kippenborst (pectus carinatum) of een ingedeukt borstbeen kunnen in het UZA terecht voor onderzoek en behandeling dankzij de Abramson operatie.
Synoniemen
Wat is een kippenborst?
Een kippenborst (pectus carinatum) is een groeistoornis van de borstkas waarbij het borstbeen naar buiten groeit. Eén tot 8 op de duizend kinderen wordt met een pectusafwijking geboren of ontwikkelt er één tijdens de groei. De oorzaak van de misvormde borstkas is niet bekend, wellicht erfelijkheid.
Een vooruitstekend borstbeen kan bij de geboorte al te zien zijn, maar wordt doorgaans duidelijker in de tienerjaren. Belangrijk om weten: een kippenborst verdwijnt niet vanzelf. Ook niet met bepaalde oefeningen! Kippenborst symptomen zijn te behandelen met een operatie.
Gevolgen van een kippenborst
- Een kippenborst zorgt makkelijker voor kwetsuren van het borstbeen of de huid omdat het borstbeen vooruitsteekt.
- De misvorming kan ook het zelfvertrouwen aantasten. Sommige patiënten schamen zich voor hun bovenlichaam en hebben een slecht zelfbeeld door de pectus carinatum.
Behandeling van kippenborst
Om een vooruitstekend borstbeen te behandelen, is een pectus carinatum operatie nodig.
- klassieke operatie (Rawitch): het overtollige ribkraakbeen wordt verwijderd en het borstbeen gekliefd. Aan die langdurige ingreep houd je een centraal litteken op de borst over en een lange revalidatieperiode.
- Abramson-techniek: met een camera wordt een gebogen metalen staaf voor jouw borstbeen onder de huid geplaatst. De staaf trekt het borstbeen naar achteren om de correctie uit te voeren en wordt aan de zijkanten van de borstkast vastgezet. De littekens zijn kleiner en zitten aan de zijkant en onder de arm.
Verloop opvolging ingreep aan pectus carinatum
Doorgaans mag je ongeveer een week na de ingreep naar huis. Na ongeveer 3 jaar wordt de staaf verwijderd en blijft het borstbeen in de juiste positie staan. Een controle is voorzien ten minste 1 jaar na het verwijderen van de staaf of tot volgroeiing.
Klinische studies
Elk jaar nemen er in het UZA heel wat patiënten deel aan klinisch onderzoek via de dienst waar ze behandeld worden. Zij worden door hun arts gevraagd om hieraan eventueel deel te nemen. Soms zijn er echter ook studies waarvoor gezonde vrijwilligers gezocht worden.